VATS lobectomie: het einde van de thoracotomie?

Iedereen heeft kunnen vaststellen dat de laparoscopische buikingrepen het laatste decennium een enorme groei hebben ­gekend, denk maar aan laparoscopische colectomie, gastric bypass tot zelfs aortachirurgie. Minder bekend zijn echter de minimaal ­invasieve thoracoscopische ingrepen of VATS (video assisted thoracic surgery): VATS segmentectomie voor solitaire longnodules, VATS sympatectomie voor hyperhidrosis, lymfadenectomie voor staging via VATS, VATS bullectomie of longvolumereductie voor longemfyseem. Dit is slechts een kleine greep uit thoracale interventies die via kijkoperaties mogelijk zijn.

Grenzen werden intussen verlegd: empyema met pleurale verdikking werd tot voor kort via thoracotomie behandeld. Nu kan een pleurectomie of decorticatie perfect via VATS worden uitgevoerd. 'Less is more' is hier meer dan ooit van toepassing: thoracale ingrepen via kleine incisies ('less') zijn nu legio ('more'). De reden is evident: kleinere wondes, minder pijn, sneller herstel, kortere hospitalisatie. Meer nog dan bij de laparoscopie gelden deze 'voordelen': een klassieke thoracotomie (het spreiden van de ribben) is pijnlijk. Postoperatieve pijn kan diep ademhalen bemoeilijken, dus meer kans op opstapeling van fluimen, dus meer risico op longinfectie, langduriger verblijf in het ziekenhuis, …

Maar wat met longcarcinomen?

Kan je met deze VATS-techniek een oncologisch correcte lobectomie met thoracale en mediastinale lymfadenectomie uitvoeren? Lange tijd leek dit onhaalbaar en waren de meest gehoorde tegenargumenten: technisch te moeilijk, ­onvolledige lymfadenectomie, te onveilig. Uiteindelijk werden al deze kritische opmerkingen wetenschappelijk verworpen. ­Viscerosynthese materiaal verbeterde en werd meer 'op maat' gemaakt voor dit type ingreep. De thoracale chirurgie werd een subspecialisme. Een oncologische lobectomie met lymfadenectomie via VATS is nu perfect mogelijk. Drie incisies volstaan (twee 10 mm-incisies en een 'utility'-incisie van 5 cm) voor het ­verwijderen van de longkwab. Gedaan met het spreiden van de ribben, gedaan met een incisie van 20-25 cm of meer, gedaan met uitgesproken postoperatieve pijn, … In het AZ Sint-Jan campus Henri ­Serruys gebeuren deze ingrepen nu standaard sedert een tweetal jaar en dit à rato van 15 à 20 ingrepen per jaar.

Zijn er grenzen aan de VATS?

Weinig, zelfs een volledige pneumectomie is mogelijk en werd uitgevoerd. Enkel een sleeve-lobectomie met bronco-bronchiale of tracheo-bronchiale anastomose lijkt nu nog te hoog gegrepen. Met de VATS lobectomie lijkt één van de laatste bastions van de oncologische thoracale chirurgie, met name de thoracotomie, gesloopt.

Dr. Roel Venken
Staflid Algemene heelkunde
Campus Henri Serruys